Vrijdag 15 juli: Highway 35.

Na een nog beter ontbijt dan gisteren, was het weer tijd voor ons om op pad te gaan. Dichtbij het (overigens fantastische) hotel troffen we Skálholt aan, een erg mooi kerkje met anderhalf huis, een school en volgens mij ook een hotel. Hier hebben we eventjes wat rondgewandeld en genoten van het mooie uitzicht op de omgeving en op de kerk:


Klik hier voor een vergroting

Toen we weer op pad gingen en route 35 opdraaiden, zagen we een erg mooie, veelkleurige berg aan de horizon verschijnen, maar niet echt een geschikte plek om de auto stil te zetten voor een foto. Dus namen we een weg naar rechts die ons een heuveltje op zou sturen, maar wel via een erg smalle brug. Maar goed, de auto was nog iets smaller dan de brug, dus dat kwam helemaal goed. Verderop kwamen we aan bij Geysir, de geboorteplaats van het woord geiser. Vooraf had ik voorspeld dat dit een ‘tourist-trap’ zou zijn, en hoewel het er wel druk was voor IJslandse begrippen, was er van een tourist-trap zeker geen sprake.


Klik hier voor een vergroting

That brings back memories! Wel een beetje fout natuurlijk dat mijn eerste geiser niet de originele naamgever was, maar vorig jaar in Yellowstone…

Een stevige lunch voor onze eigen magen én voor de dieseltank van onze trouwe vierwieler verder, draaiden we route 35 weer op. Het was een vrij korte rit richting de volgende potentiële tourist-trap: waterval Gullfoss. Hoewel het hier een stuk drukker was, hadden we ook hier geen last van de drukte. En dat terwijl het volgens het reisbureau op sommige plekken tijdens onze reis moeilijk was een geschikt hotel te vinden, omdat IJsland steeds populairder wordt! Gelukkig nog niet zo populair dat we er last van hebben dus. In elk geval konden we het al deze mensen het niet kwalijk nemen dat ze Gullfoss kwamen bezoeken, want het is een prachtige waterval:


Klik hier voor een vergroting

Een echte tourist-trap of niet, Gullfoss was de laatste drukke plek die we deze dag zouden zien, want enkele kilometers later verandert route 35 in route F35, wat betekent dat er alleen 4wd-voertuigen toegestaan zijn, en dat zijn de meeste auto’s van toeristen toch niet. Overigens vragen wij ons wel af of het nog goedgekomen is met de crappy camper (met Zwitserse nummerplaten) die we op het onverharde deel inhaalden; even verderop hebben we best wel lang gestopt om foto’s te maken, maar we hebben hem niet meer langs zien komen. Misschien toch afgehaakt en omgedraaid? Of per ongeluk op een geiser geparkeerd? Niet dat die er daar waren… Enfin, de rit vervolgde door een adembenemend prachtig en desolaat landschap:


Klik hier voor een vergroting

Een tien kilometer lange zijweg bracht ons vervolgens bij onze overnachtingsplaats: het Kerlingarfjöll Mountain Resort, een opmerkelijke mix van kampeerterrein, hutjes (vergane glorie met rode afbladderende verf) en een nieuw gebouw met hotel-achtige kamers, dat zo nieuw was dat er nog geen buitenkant om zit… De binnenkant is gelukkig wel helemaal af, dus wij hebben het daar de komende nacht ook weer prima. Na een kleine maaltijd op de kamer (‘diner deel 1’) zijn we nog een wandeling gaan maken aan de zuidkant van het terrein, waar we eerst een flink stuk klommen en daarna redelijk vlak bleven met uitzicht op bergen met gletsjers.


Klik hier voor een vergroting

Na een kleine 2,5 kilometer hielden we het voor gezien en gingen we via dezelfde weg weer hotelwaarts, waarna we op de hotelkamer ‘diner deel 2’ verorberden en tenslotte geen wifi aantroffen. Ach, wie verwacht er ook wifi op een plek midden in de hooglanden van IJsland? Wij niet in elk geval. Hopelijk morgen wel, zodat ik dit verhaal – en het volgende – gewoon kan uploaden. Morgen meer route (F)35 en op weg naar Akureyri!

Een gedachte over “Highway 35

  1. Ik ben niet jaloers, ik ben niet jaloers, ik ben NIET jaloers…..
    Of misschien toch wel. Prachtig, die watervallen, en dat lege landschap op die mooie foto met die ene eenzame bus, en……

Reacties zijn gesloten.